Plantenencyclopedie O
Ocimum basilicum ‘Dark Opal’ – Basilicum rood (1‑jarig)
Een roodbladige, eenjarige basilicum die een warme, zonnige plek nodig heeft en het liefst uit de wind staat. De plant is vorstgevoelig en kan pas na half mei buiten worden uitgeplant. Door regelmatig bladeren te oogsten blijft de plant bossig en wordt bloei onderdrukt, wat de smaak ten goede komt. Deze basilicum wordt ongeveer 30 tot 45 centimeter hoog en 25 tot 35 centimeter breed. Mogelijke ziekten zijn valse meeldauw, wortelrot bij te natte grond, bladluis en trips. Vermeerderen gebeurt door in mei direct in de volle grond te zaaien of eerder binnen voor te zaaien. Op één vierkante meter passen ongeveer twintig tot vijfentwintig planten.
Oenothera glazioviana – Grote teunisbloem (tweejarig)
Opent zijn gele bloemen in de namiddag en avond. Bloeit van juni t/m september. Wordt 120–150 cm hoog. Standplaats zon, in normale, niet te natte grond. Bladverliezend en winterhard. Trekt insecten aan. Zaaien in de volle grond van mei–juli.
Olea europaea – Olijfboom
De olijf is niet winterhard, maar wel wintergroen, en wordt daarom vaak beter in een pot gehouden. Hij kan 5 tot 10 meter hoog en 8 tot 12 meter breed worden, afhankelijk van standplaats en klimaat. De bloei is crème‑wit in mei en juni op een zonnige plek. Vruchten verschijnen na ongeveer vijf jaar en kunnen worden geoogst. Snoei na de oogst de vorst de takken een stukje terug, omdat olijven niet tweemaal aan dezelfde tak groeien. De grond moet bestaan uit zanderige, voedzame klei met kalk, vochtig maar niet te nat, want anders rotten de wortels. Mogelijke ziektes: verticillium‑verwelking, olijfkanker en olijfvlekkenziekte, die de boom kunnen aantasten en waarvoor geen eenvoudige oplossingen bestaan.
Ornithogalum dubium – Vogelmelk (vaste plant / bolgewas)
Bloeit oranje in maart–april en wordt 30–40 cm hoog. Standplaats zon–halfschaduw. Niet winterhard; vaak als kuip- of kamerbol gebruikt. In Engeland bekend als “Star of Bethlehem”. Vermeerderen door bollen te delen of door rijp zaad te zaaien; zaden hebben koude nodig om te kiemen.
