Narcissus – Narcis (vaste plant) Bloeit van eind maart tot begin mei. Kan jarenlang op dezelfde plek blijven staan. Snoei de stengels weg zodra ze lelijk worden, maar laat het blad staan tot het geel is — zo gaat de energie terug naar de bol. Na de bloei een handje mest geven voor rijke bloei. Standplaats zonnig, in losse, humusrijke, vruchtbare en goed doorlatende grond. Vermeerderen door pollen te delen.

Nerium oleander – Oleander (orangerieplant) Bloeit rood, roze, geel, oranje of wit in juli–augustus. Van mei tot oktober buiten zetten op een warme, zonnige en beschutte plek. Regelmatig vloeibare mest geven van mei–augustus. Heeft veel water nodig: dagelijks gieten en in droge periodes de pot in een schaal met water zetten. Groenblijvende kuipplant die licht en koel moet overwinteren (4–8 °C). Te donkere overwintering kan plagen veroorzaken. Pas na de vorst weer naar buiten. Alle plantendelen zijn giftig bij inname. Vermeerderen door kopstekken in voorjaar of zomer; wortelt in water.

Nicotiana × sanderae ‘Lime/Purple Bicolor’ – Siertabak‑hybride (eenjarig) Bloeit in juli–september in de volle zon, in goed doorlatende grond. Verwijder uitgebloeide bloemen om nieuwe bloei te stimuleren. Wordt 20–30 cm hoog. Vermeerderen door zaaien in de volle grond in mei–juni.

Nigella damascena – Juffertje‑in‑het‑groen (eenjarig) Bloeit roze, wit of blauw in juni–juli en wordt 30–50 cm hoog. Vermeerderen door ter plekke te zaaien van april–juni. Geschikt voor snijbloemen en droogbloemen.

Nymphaea hybr. ‘Snowball’ – Waterlelie Heeft voedselrijk water nodig om goed te groeien en bloeien. Winterhard en bloeit van mei t/m augustus. Wordt ca. 10 cm hoog en is bladverliezend. Standplaats zon. Plantdiepte 40–60 cm. Vermeerderen in het voorjaar na 3–4 jaar door wortelstok te delen, wortelspruiten te nemen of te zaaien.

Scroll naar boven