Planten die in juni uitbundig bloeien
De mooiste tuinplanten voor kleur in vroege zomer
Stachys officinalis – Koortskruid (vaste plant)
Uitspraak = STAA-kis of-fie-sie-NAA-lis
Koortskruid vormt een compacte pol met frisgroene, zacht behaarde bladeren en slanke aren met roze tot purperroze bloemen. Hij bloeit van juni tot en met augustus. De plant wordt 40–60 cm hoog en 30–45 cm breed en groeit goed in zon tot lichte schaduw op een doorlatende bodem. Je plant er 7 tot 9 per vierkante meter voor een mooi gevuld geheel. Mogelijke ziekten zijn meeldauw, bladluizen, slakkenvraat en wortelrot. Vermeerderen gaat eenvoudig door de pol te delen in het voorjaar of de vroege herfst.

Kniphofia ‘First Sunrise’ – Vuurpijl (vaste plant)
Uitspraak = knie-FOO-fie-a
Kniphofia ‘First Sunrise’ is een compacte vuurpijl met smalle, opgaande bladeren en warme geel‑oranje bloemaren die bloeien vanaf juni tot in augustus, met soms een lichte nabloei in september als het weer meezit. De plant wordt 60–80 cm hoog en ongeveer 40–50 cm breed en groeit het best in volle zon op een goed doorlatende bodem. Je plant er 5 tot 7 per vierkante meter voor een mooi gevuld geheel. Mogelijke ziekten zijn wortelrot bij te natte grond, bladluizen en slakkenvraat aan jonge scheuten. Vermeerderen kan door de pol te delen in het voorjaar.

Lysimachia punctata – Puntwederik (vaste plant)
Uitspraak = lie-sie-MAA-kie-a pung-TAA-ta
Puntwederik is een sterke, polvormende vaste plant met opgaande stengels en heldergele bloemen in juni tot en met augustus, met soms een kleine nabloei in september als het weer zacht blijft. De plant wordt 70–100 cm hoog en ongeveer 40–60 cm breed en groeit goed in zon tot halfschaduw op een vochtige tot normaal doorlatende bodem. Je plant er 5 tot 7 per vierkante meter voor een volle, natuurlijke beplanting. Mogelijke ziekten zijn meeldauw, roest, slakkenvraat en soms wortelrot bij langdurig natte grond. Vermeerderen gaat eenvoudig door de pol te delen in het voorjaar of de vroege herfst.

Cirsium rivulare ‘Atropurpureum’ – Verderdistel (vaste plant)
Uitspraak = SIR-sie-um rie-vu-LAA-re a-tro-pur-PUU-ree-um
Cirsium rivulare ‘Atropurpureum’ is een elegante, niet‑woekerende verderdistel met slanke stengels en diep purperrode, bijna wijnkleurige bloemhoofden die boven het blad uitsteken. Hij bloeit van mei tot en met juli, met vaak een mooie nabloei in augustus als je hem op tijd terugknipt. De plant wordt 90–120 cm hoog en ongeveer 50–70 cm breed en groeit goed in zon tot lichte schaduw op een frisse, humusrijke bodem. Je plant er 3 tot 5 per vierkante meter voor een luchtig maar gevuld effect. Mogelijke ziekten zijn meeldauw, bladluizen, slakkenvraat en soms wortelrot bij te natte grond. Vermeerderen kan door de pol te delen in het voorjaar.

Geranium endressii ‘Wargrave Pink’ – Ooievaarsbek (vaste plant)
Uitspraak = jee-RAA-nie-um en-DRES-sie-ie
Geranium endressii ‘Wargrave Pink’ is een sterke, langbloeiende ooievaarsbek met zachtroze bloemen en frisgroen, licht ingesneden blad. Hij bloeit van mei tot en met september. De plant wordt 30–45 cm hoog en ongeveer 40–60 cm breed en groeit goed in zon tot halfschaduw op een normaal doorlatende bodem. Je plant er 7 tot 9 per vierkante meter voor een mooi gesloten geheel. Mogelijke ziekten zijn meeldauw, roest, bladluizen en soms slakkenvraat aan jonge bladeren. Vermeerderen kan door de pol te delen in het voorjaar of de vroege herfst.

Centranthus ruber ‘Albus’ – Witte spoorbloem (vaste plant)
Uitspraak = ken-TRAN-thus RUU-ber AL-bus
Centranthus ruber ‘Albus’ is een luchtige, rijkbloeiende vaste plant met losse schermen vol zuiver witte bloemen in juni tot en met september. De plant wordt 60–80 cm hoog en ongeveer 40–50 cm breed en groeit goed in volle zon op droge tot normaal doorlatende grond, zelfs op muren, stenige plekken en arme bodems. Je plant er 5 tot 7 per vierkante meter voor een natuurlijk, licht en open effect. Mogelijke ziekten zijn meeldauw, wortelrot bij te natte grond, bladluizen en soms slakkenvraat aan jonge scheuten. Vermeerderen kan door zelfuitzaai of door delen van de plant in het voorjaar.

Bougainvillea – Bougainville (kuipplant)
Uitspraak = bo-gen-VIL-lee-a
Bougainvillea is een rijkbloeiende klimplant die in Nederland als kuipplant wordt gehouden. De plant vormt lange, rankende takken met felgekleurde schutbladeren in wit, roze, paars, rood of oranje; de echte bloempjes zijn klein en wit. Bloei van juni tot oktober. In warme zomers kan hij zelfs non‑stop bloeien. Bougainvillea wordt in pot meestal 150–300 cm hoog en 80–120 cm breed, afhankelijk van snoei en geleiding. Hij groeit het best in volle zon, warmte en een goed doorlatende, voedzame maar droge bodem. Je plaatst er 1 per vierkante meter, omdat het een krachtige groeier is. Mogelijke ziekten zijn spint, bladluizen, schildluis en wortelrot bij te natte grond. Vermeerderen kan door halfhoutige stekken in de zomer.

Alstroemeria ‘Indian Summer’ – Incalelie (vaste plant)
Uitspraak = als-troe-MÉÉ-ria
Alstroemeria ‘Indian Summer’ is een sterke, langbloeiende incalelie met warm koper‑, oranje‑ en goudtinten boven donkerbrons blad. Bloeit van juni tot en met oktober. De plant wordt 60–90 cm hoog en ongeveer 40–60 cm breed en groeit goed in volle zon tot lichte schaduw op een luchtige, goed doorlatende bodem. Je plant er 5 tot 7 per vierkante meter voor een volle, kleurrijke beplanting. Mogelijke ziekten zijn bladluizen, slakkenvraat, botrytis en soms wortelrot bij te natte grond. Vermeerderen kan door de wortelstokken voorzichtig te delen in het voorjaar.

Astrantia major ‘Ruby Wedding’ – Zeeuws knoopje (vaste plant)
Uitspraak = as-TRAN-stie-a MAA-jor
Astrantia major ‘Ruby Wedding’ is een sierlijk zeeuws knoopje met diepe robijnrode bloemschermen die langdurig bloeien en veel insecten aantrekken. De plant wordt 50–70 cm hoog en ongeveer 40–50 cm breed en groeit goed in zon tot halfschaduw op een humusrijke, licht vochtige maar doorlatende bodem. Je plant er 7 tot 9 per vierkante meter voor een mooi gevuld, natuurlijk effect. Mogelijke ziekten zijn meeldauw, bladluizen, slakkenvraat en soms wortelrot bij te natte grond. Vermeerderen kan door de pol te delen in het voorjaar of de vroege herfst.

Astrantia major ‘Hadspen Blood’ – Zeeuws knoopje
Uitspraak = as-TRAN-stie-a MAA-jor
Astrantia major ‘Hadspen Blood’ is een opvallend donkerrood zeeuws knoopje met compacte bloemschermen en een lange bloeitijd. Hij bloeit van juni tot en met augustus, met vaak een lichte nabloei in september als je uitgebloeide bloemen weghaalt. De plant wordt 50–70 cm hoog en ongeveer 40–50 cm breed en groeit goed in zon tot halfschaduw op een humusrijke, licht vochtige maar doorlatende bodem. Je plant er 7 tot 9 per vierkante meter voor een natuurlijk, gevuld effect. Mogelijke ziekten zijn meeldauw, bladluizen, slakkenvraat en soms wortelrot bij te natte grond. Vermeerderen kan door de pol te delen in het voorjaar of de vroege herfst.

