Libellen en waterjuffers in de tuin – soorten, kenmerken en levenscyclus
Soorten libellen en waterjuffers in de tuin
Lantaarntje – Ischnura elegans (Waterjuffer)
Het Lantaarntje (Ischnura elegans) is een kleine blauwe waterjuffer die zijn naam dankt aan het opvallende blauwe segment aan het uiteinde van het achterlijf. Vrouwtjes tonen een grote kleurvariatie en verkleuren naarmate ze ouder worden. Mannetjes zijn herkenbaar aan hun blauwe segmenten en de aanhangsels aan het achterlijf. De soort komt voor bij voedselrijk, stilstaand of langzaam stromend water. Vrouwtjes leggen hun eitjes in waterplanten of oeverbegroeiing. Zowel nimfen als volwassen dieren jagen op kleine insecten; volwassen mannetjes leven gemiddeld (inclusief rijping) duurt vaak 1 tot 2 weken.

Libelle – Odonata (Libelle)
Libellen behoren tot de oudste insectengroepen en vallen op door hun kleurrijke uiterlijk en sierlijke, wendbare vlucht. Ze zijn efficiënte jagers die zich voeden met muggen, vliegjes, motjes, vlinders en soms zelfs soortgenoten. Dankzij hun onafhankelijk bewegende vleugels kunnen ze razendsnel versnellen, stilhangen en abrupt van richting veranderen. De levenscyclus bestaat uit ei, larve (nimf) en volwassen insect. De larven leven in het water, waar ze overwinteren tussen waterplanten en oeverbegroeiing. Libellen kunnen mensen niet steken of bijten, al kunnen de grootste soorten bij vastpakken een klein sneetje veroorzaken.

Bloedrode heidelibel – Sympetrum sanguineum (Libelle)
De bloedrode heidelibel is een opvallende soort die vooral voorkomt bij stilstaand, voedselrijk water met een gevarieerde oeverbegroeiing. Mannetjes zijn felrood gekleurd, terwijl vrouwtjes een gele tot bruinige tint hebben. Na de paring legt het vrouwtje haar eitjes in de modder langs de oever. Bij regen spoelen de eitjes het water in, waar ze uitkomen als larven. De larven leven tussen waterplanten en voeden zich met kleine waterdiertjes. Na hun ontwikkeling kruipen ze uit het water, vervellen en verschijnen als volwassen libelle. De bloedrode heidelibel jaagt vliegend en vangt prooien met zijn krachtige kaken, die hij vervolgens leegzuigt. Volwassen dieren sterven wanneer de temperaturen dalen.

Houtpantserjuffer – Chalcolestes viridis (Libelle)
De houtpantserjuffer (Chalcolestes viridis) is te herkennen aan zijn bronsgroene, metaalachtige glans en komt veel voor in Nederland. De soort is sterk gebonden aan bomen en struiken met overhangende takken boven het water, omdat de vrouwtjes hun eitjes in het hout van deze takken afzetten. Zodra de eitjes uitkomen, laten de jonge larven zich in het water vallen om daar verder te groeien. De soort overwintert één keer als larve en leeft vooral in rustige wateren zoals vijvers, moerassen en langzaam stromende beken. Zowel larven als volwassen dieren jagen op kleine insecten, waaronder muggen en vliegen, waardoor de houtpantserjuffer een waardevolle rol speelt in het ecologische evenwicht.

Weetjes over de libelle
Kunnen libellen steken of bijten? Ze kunnen niet steken. De kaken zijn bij de meeste soorten te zwak om door de huid van de mens te komen. De grootste soorten (o.a. de grote keizerlibel) kunnen dit wel, maar zullen dit als verdediging nooit gebruiken en dat is dan niet meer dan een klein sneetje in je vinger.
Is een juffer ook een libel? Ja. Juffers zijn slank en meestal kleine libellen die rustig vliegen. De echte libellen zien er stevig gebouwd uit.
Juffers klappen hun vleugels in rust meestal langs of boven het lichaam samen, terwijl ‘echte’ libellen hun vleugels zijwaarts gespreid houden.
